|
De huidige winter legt, net als de vorige overigens, volgens hem nog maar eens bloot hoe het is gesteld met het onderhoud van veel gemeentelijke wegen. Wegdekken waar door achterstallig onderhoud (kleine) scheuren in zitten, vertonen na een paar winterse dagen opeens opvallend veel gaten. De combinatie van vorst en vocht heeft een funeste uitwerking: door bevriezing zet het water in de scheurtjes uit en doet de bovenlaag springen. âWaar je dus veel gaten in het wegdek ziet, is globaal gesproken sprake van achterstallig onderhoud,â zegt Van Hoogevest. âVeel gemeenten bezuinigen op wegenonderhoud. Dat komen we met grote regelmaat tegen als ze ons vragen beheerplannen voor hun wegen op te stellen. Het budget dat wij vervolgens adviseren als je het onderhoud goed wil doen, is vrijwel altijd een discussiepunt. âIs dat echt nodig?â en âKan het niet minder?â Tja, je kan er op besparen maar dan loop je bij stevige winters wel een risico dat je uiteindelijk extra duur uit bentâ, zegt hij.
Â
Afhankelijk van de financiĂ«le situatie van een gemeente, lukt het Grontmij meestal nog wel de politiek te overtuigen wegonderhoud serieus te nemen. Eigen ambtenaren, die hetzelfde adviseren, blijken er meer moeite mee te hebben. â Anders dan tegenover een buitenstaander, is de politiek dan eerder geneigd te bedingen dat het wel ietsje minder kan.â
Â
Rijkswaterstaat
Bij Grontmij hebben ze overigens de indruk dat goed wegenonderhoud beter op de agenda staat dan in vroeger jaren. Dat ligt dan met name aan Rijkswaterstaat, dat met een krachtig inzetten op een beter onderhoud van de rijkswegen een goed voorbeeld geeft. âMaar feit blijft, dat wethouders nu eenmaal liever een nieuw centrum bouwen dan geld steken in wegenonderhoudâ, zegt Van Hoogevest. Hij is er bovendien niet gerust op dat de opgaande lijn de komende jaren wordt doorgetrokken. De vele bezuinigingen waarmee gemeenten te maken gaan krijgen, zoals de korting op het Gemeentefonds, zullen volgens hem hun effect niet missen.
Â
Gemeenten dienen volgens hem ongeveer één euro per vierkante meter per jaar te reserveren voor het wegenonderhoud. âEen gemiddeldeâ, waarschuwt de ingenieur. âHet is een vrij globale richtlijn. Gemeenten met een instabiele bodem, zoals in een groot deel van het westen, zijn duurder uit. De ervaring leert dat de meeste gemeenten ruim onder het gemiddelde zitten. Ergens tussen de halve en hele euro in. Maar er zijn er ook die nog lager zitten dan een halve euroâ, zegt hij.
Â
Hoe lang gaat een weg mee? Afhankelijk van onder andere de intensiteit van het gebruik en de mate van onderhoud, gaat een weg zoân 20 tot 40 jaar mee. Doorgaans volstaat één licht onderhoud in de 6 Ă 7 jaar. âMaar je kunt er ook voor kiezen één keer in de 8 tot 15 jaar een wat zwaarder onderhoud te plegen. Die keus is aan de gemeentenâ, zegt Luut van Hoogevest van Grontmij.
Â
Tilburg: dubbel budget De rekenkamercommissie van Tilburg liet ingenieursbureau Grontmij in 2008 onderzoek doen naar het wegenbeheer. Aanleiding: slechte scores bij weginspecties en een burgertevredenheidsonderzoek. Bij inspecties bleek de kwaliteit van 21 procent van de wegen onvoldoende, ondanks het feit dat de raad regelmatig extra budgetten ter beschikking had gesteld om onderhoudsachterstand weg te werken. Wat bleek? Tilburg ging bij nader inzien uit van een veel te laag onderhoudsbudget. Waar ruim 11 miljoen euro nodig was, werd de helft daarvan niet besteed. In de loop der jaren bleken de kosten per vierkante meter flink te zijn toegenomen â tot 40 euro per vierkante meter.
Â
Zo slecht als Tilburg presteerden overigens maar weinig gemeenten. Hoewel er geen officiële benchmark voor kwaliteit van wegen bestaat, beschikt Grontmij over scores van veertig gemeenten in Nederland waar het ingenieurs- en adviesbureau de afgelopen jaren een inspectie heeft uitgevoerd. Uit die vergelijking blijkt dat Tilburg een veel groter percentage onvoldoende scoorde dan andere gemeenten. Volgens de landelijke normen van het CROW-instituut mag hooguit 5 procent van klinkerwegen en 9 procent van asfaltwegen onvoldoende zijn. Waar de veertig gemeenten gemiddeld respectievelijk 8 en 10 procent scoorden, scoorde Tilburg 23 en 15 procent. Dat was voor het college reden extra geld uit te trekken.
Â
Het investeringsbedrag is volgens verantwoordelijk wethouder Johan van den Hout na het rekenkamerrapport structureel verdubbeld. Inclusief een eenmalige impuls, ligt het voor dit jaar zelfs op ruim 17 miljoen euro. âNiet het budget, maar het gewenste kwaliteitsniveau is nu uitgangspuntâ, zegt hij. âNu krijgen we weer klachten dat er op te veel plekken aan de weg wordt gewerktâ, lacht hij. De reconstructies werpen intussen hun vruchten af. Van den Hout: âWe hebben we nu veel minder kapotte wegen. Hooguit een tiental plekken. Precies die wegen die op de nominatie stonden te worden aangepakt.â
|